• Schitterende Sieraden en Horloges
  • Gratis verzending vanaf 20 euro

Geschiedenis van Diamanten

In 2500 v.Chr. zouden de Chinezen al diamant gebruikt hebben om edelstenen te polijsten.[1] In India zouden rond die tijd al diamanten als sieraad gedragen zijn[2] en ook de Bijbel vermeldt diamant.[3] Diamanten werden in de 6e tot de 5e eeuw v.Chr. in Europa bekend. Uit deze tijd stamt een oud-Grieks bronzen beeld met onbewerkte diamanten, dat zich in het British Museum in Londen bevindt.[bron?] Diamant werd door de Grieken genoemd in de Periplus van de Erythreïsche Zee (1e eeuw), waar de handel met India werd beschreven en bij de Romeinen door Marcus Manilius (1e eeuw) in zijn boek Astronomica en door Plinius de Oudere (23-79 n.Chr.) in zijn Naturalis historia.[4]

Van de Bruggeling Lodewijk van Berken is uit het eind van de 15e eeuw een manier bekend om diamant te slijpen door middel van een schijf, olijfolie en diamantpoeder.

Ludo Vandamme[5] noemt het een taaie legende dat dit moderne diamantslijpen in 1476 uitgevonden zou zijn door Lodewijk van Berken. Deze opvatting is terug te voeren op één enkele bron, namelijk zijn Parijse afstammeling Robert de Berquen.[6][7]

In Europa zou het diamantslijpen kort na 1330 al begonnen zijn in Venetië[8], terwijl er in 1375 in Neurenberg al een diamantslijpersgilde werd opgericht.[9]

Volgens François Farges[10] was men vanaf ongeveer 1380 in Parijs in staat facetten aan een diamant te slijpen: In de inventaris van Jan van Berry vermeldt Robinet d'Étampes in 1411 diamanten met facetten, waaronder "un grant dyament roont et plat... fait en façon de mirouer, pesan environs XXIIII caraz" ("een grote, ronde en platte diamant... gemaakt zoals een spiegel, ongeveer 24 karaat wegend").[11]

De werkwijze van Lodewijk van Berken vormde wel het begin van de diamantnijverheid te Brugge. Met zijn methode kon hij zeer precies en symmetrisch de facetten op een diamant slijpen, waardoor hij rond 1476 als eerste de peervormige "pear-cut" ("pendeloque-" of "briolette-") diamant uitvond. Zijn werkwijze heeft de regio helpen uitgroeien tot diamanthoofdstad van de wereld. Voor Karel de Stoute sleep hij onder andere de Florentiner en de Sancy.

Na de verzanding van het Zwin eind 15e eeuw verlegde niet alleen de havenactiviteit, maar ook de diamantnijverheid zich naar Antwerpen. Na de Val van Antwerpen en de Sluiting van de Schelde trokken vele gegoede Antwerpenaren naar Amsterdam en dat markeerde het begin van de diamantnijverheid daar.[12]

In de 17e eeuw bracht de Franse ontdekkingsreiziger Jean-Baptiste Tavernier grote diamanten mee uit India, waaronder de Hope diamant, en beschreef de diamantwinning aldaar.

Tot de 18e eeuw werden diamanten alleen in India gedolven. Hier komen ook de bekendste diamanten uit de geschiedenis vandaan. In 1714 werden in Brazilië diamanten ontdekt. Erasmus Jacobs vond in 1866 nabij de Oranjerivier de eerste diamant in Zuid-Afrika: de 'Eureka'. Kort daarop werd ook diamant gevonden in Kimberley. In 1888 richtte Cecil Rhodes de firma De Beers op om de diamanthandel te controleren.[13]

In de 20e eeuw werden belangrijke diamantvoorkomens ontdekt in Siberië, Canada en Australië, en werd het mogelijk om diamant synthetisch te fabriceren.

Er zijn talrijke legenden verbonden aan diamanten; zo worden er vaak ook magische of beschermende krachten aan toegeschreven. Diamanten waren het symbool van rijkdom en ze vormen een onderdeel van bijna alle kroonjuwelen, schatkamers en museale collecties. De diamant is een van de negen edelstenen in de Thaise Orde van de Negen Edelstenen.

De Cullinan is de grootste ongeslepen diamant die tot nu toe op aarde is gevonden: 3106 karaat (621,2 gram). De Cullinan werd gekloofd en geslepen en het grootste stuk, de Cullinan 1 (530,20 karaat) was na het slijpen ongeveer een eeuw lang de grootste geslepen diamant. De grootste geslepen diamant is sinds 1988 echter de Golden Jubilee (545,67 karaat), die in opdracht van De Beers door Gabriël (Gabi) Tolkowsky werd geslepen en in 1997 in het bezit kwam van de Thaise koning Bhumibol die hem ontving naar aanleiding van zijn 50-jarige kroningsjubileum.

Veel diamant voor industriële doeleinden wordt ook synthetisch gemaakt. Synthetische diamant valt enkel in een laboratorium van natuurlijke te onderscheiden.[14] Onderzoekers van het Carnegie Institution of Washington ontdekten in 2004 een procedé om binnen 24 uur diamant te synthetiseren die meer dan 50% harder is dan natuurlijk diamant

De diamant kan in verschillende geslepen vormen voorkomen. De meest gebruikte slijpvorm is de ronde of briljant met 58 facetten, die Antwerpenaar Marcel Tolkowsky in 1919 bedacht na wiskundige berekeningen van de lichtbreking en totale interne reflectie.[21] Andere veel voorkomende slijpvormen zijn:[22]

  • Ovaal, 56 facetten
  • Princess, 76 facetten, rechthoekige vorm
  • Marquise, of Navette, 56 facetten, lensvormig. Deze moeilijke slijpvorm wordt toegeschreven aan Lodewijk XIV
  • Peer, 58 facetten, in vorm van een waterdruppel
  • Emerald, 48 tot 50 facetten, opgebouwd uit rechthoekige facetten aan elke kant en aan de hoeken
  • Hart
  • Asscher
  • Radiant

Ruwe diamanten worden bewerkt om het licht schitterend te breken. Na de bewerking blijft er een steen over met een schittering en kleurenspel die op verschillende criteria wordt beoordeeld om tot een prijs te komen. De criteria zijn de 4 C's en houden in:

Cut - slijpsel

Hieronder wordt verstaan het maaksel van de steen. De vorm waarin de steen geslepen wordt is een onderdeel hiervan. Het maaksel heeft betrekking op de kwaliteit van het slijpen en de verhoudingen van de slijpvorm. De essentie ligt in de juiste "verhoudingen" en de "verfijning" van de geslepen steen. Onder de verhoudingen wordt verstaan de hoogte van de kroon, de kroonhoek, de diepte van de paviljoenzijde, de tafelspiegeling en de verhouding van de rondist ten opzichte van de totale diepte van de steen.

Onder de verfijning wordt verstaan de precieze afwerking van het totale maaksel. Hoe regelmatig is de rondist, is de kollet zwaar of licht, zijn er symmetrieverschillen tussen kroon en paviljoenzijde, sluiten de facetten recht op elkaar aan, ligt de kollet exact in het midden of ligt de tafel decentraal?

Al deze zaken zijn direct van invloed op het spel van het licht in de steen. Het maaksel is mensenwerk, in tegenstelling tot de zuiverheid, kleur en ten dele het gewicht. Het is dan ook een grote prijsbepalende factor in de vier C’s: een steen met een mooi rond gewicht, loepzuiver en de hoogste kleur in een briljante slijpvorm kan een topsteen lijken, maar als de steen te diep geslepen is (spijker) of te ondiep (visoog) dan is het lichtspel in de steen dood en heeft de steen een geringere waarde.

Carat - massa of gewicht

De massa van edelstenen wordt uitgedrukt in karaat (1 karaat = 0,2 gram). Het karaat wordt onderverdeeld in 100 punten en wordt altijd in twee decimalen uitgedrukt, bijvoorbeeld 0,24 karaat of 24 punt. De karaat heeft zijn oorsprong in een in de oudheid gebruikt standaardgewicht: dat van een zaadje van de johannesbroodboom (Ceratonia siliqua).[23]

Clarity - helderheid

De zuiverheid van geslepen diamant. De steen kan zowel in- als uitwendig kenmerken vertonen. De inwendige bestaan veelal uit gletsen (inwendige scheuren), resten koolstof die niet geheel uitgekristalliseerd zijn of insluitingen van stikstof.[24] Ze komen in allerlei vormen voor maar ook in diverse gradaties van intensiteit. Het zijn groeilijnen die de opbouw van de ruwe steen laten zien. Ook zijn er uitwendige kenmerken zoals "baard", die overblijft wanneer de steen te hard gesneden is, en "nijf" die achterblijft wanneer de steen zuinig gesneden is. Beide kenmerken zijn op de rondist te zien. Al deze kenmerken bepalen de zuiverheid van de steen die in verschillende categorieën wordt ingedeeld: LC, VVS1, VVS2, VS1, VS2, SI1, SI2, P1, P2, P3. De beoordeling hiervan gebeurt altijd visueel met een loep en onder een lamp die een licht uitstraalt gelijkwaardig aan daglicht. De loep heeft een vergroting van 10 en is een achromaat, vrij van sferische en chromatische aberraties. Dit wil zeggen dat de diamant volledig scherp en zonder kleurafwijkingen kan waargenomen worden door de lens van de loep.

Tabel voor de zuiverheid ten opzichte van de zichtbaarheid van de inwendige kenmerken:

Zuiverheid Benaming Zichtbaarheid LC Loupe-clean

Geen enkel kenmerk is zichtbaar met de loepVVS1 en VVS2 Very very small internal characteristics

De kenmerken zijn erg moeilijk tot moeilijk te vinden met de loep.

VS1 en VS2Very small internal characteristics De kenmerken zijn vrij gemakkelijk te vinden met de loep.

SI1 en SI2Small internal characteristics De kenmerken zijn gemakkelijk tot erg gemakkelijk te vinden met de loep.

P1Pique 1 De kenmerken zijn moeilijk te vinden met het blote oog door de bovenkant van de diamant.

P2Pique 2 De kenmerken zijn makkelijk te vinden met het blote oog en hebben weinig invloed op de schittering van de diamant.

P3Pique 3De kenmerken zijn erg gemakkelijk te vinden met het blote oog en hebben invloed op de schittering van de diamant.

Colour - kleur

Der Blaue Wittelsbacher, een 31 karaats Fancy Deep Blue diamant.

 

Hoe een kleurdiamant beoordeeld wordt, is tamelijk subjectief. Een zuivere diamant is kleurloos. Meestal geldt dan ook; hoe minder kleur, hoe zuiverder, dus hoe waardevoller. Bepaalde relatief veel voorkomende verkleuringen, zoals geel, laten de waarde van de diamant dalen. Uiteraard blijven deze stenen waardevol; in 2011 werd een gele diamant geveild voor circa 8 miljoen euro[25]. Minder voorkomende kleuren zoals roze en blauw zorgen daarentegen voor een waardestijging; in 2010 bracht een roze diamant het recordbedrag van 34 miljoen euro op.[25] Ook zwarte diamant, die mogelijk van buitenaardse oorsprong is,[26][27] is zeldzaam. In 2011 en 2012 ontdekten wetenschappers voor het eerst hemellichamen die volgens hen voornamelijk uit diamant bestaan, al wordt de bewering uit 2011 betwist.[28][29][30][31]

De kleur wordt bepaald aan de hand van een set zogenaamde ijkstenen (de zogenaamde masterstones). Dit is een door verschillende vooraanstaande diamantairs beoordeelde verzameling stenen met verschillende kleuren in de hoogste graden, die als standaarden worden beschouwd. De beoordeling gebeurt meestal visueel (met het oog). Er zijn er ook elektronische beoordelingen mogelijk, bijvoorbeeld door een fotospectrometer.

Het IDC (International Diamond Council) gebruikt het volgende kleurenschema:

KleurNederlandse benamingOude benaming

D, Fijnste wit+Jager

E  Fijnste wit River

F.Fijn wit+River

G.Fijn wit Top Wesselton

H.WitWesselton I Licht getint wit+Top Crystal

J.Licht getint wit Crystal

K.Getint wit+Top Cape

L.Getint witTop Cape

M.Getinte kleur CapeN Getinte kleur Low Cape

O.Getinte kleur Very Light Yellow

P-Z Getinte kleur Light Yellow

 

Edelsteenlaboratoria

Edelsteenlaboratoria houden zich uitsluitend bezig met de beoordeling van geslepen edelstenen. Men beoordeelt op de hierboven omschreven vier C’s met de modernste middelen en technieken. Het eindresultaat wordt neergelegd in het certificaat waarop de details van de vier beoordelingen staan vermeld met als extra beoordeling de "Finish Grade", die bij grotere en hoge kwaliteiten een extra rol speelt. Het certificaat heeft een nummer dat refereert aan het werkblad waarop de steen is geïdentificeerd en gegradueerd. Dit nummer wordt in de rondist gezet met een laser. Van het certificaat wordt een microfoto gemaakt. Deze microfoto wordt gelijktijdig met de steen "geseald".

Gecertificeerde stenen worden ook vaak gebruikt als onderdeel van een beleggingsportefeuille en verdwijnen in een kluis om op een later tijdstip opnieuw verhandeld te worden. Wordt de steen uit het seal gehaald om in een sieraad te verwerken, dan kan op een later tijdstip, aan de hand van het nummer en werkblad de steen geïdentificeerd en vervolgens opnieuw geseald worden.

Enkele voorbeelden van laboratoria zijn: Hoge Raad voor de Diamant (HRD), Nederlands Edelsteenlaboratorium, International Gemological Institute (IGI), Gemological Institute of America (GIA). In 2012 ontdekte de Hoge Raad voor Diamant fraude in certificaten.[32] Certificaten waren vervalst waardoor diamanten voor hogere prijzen verkocht konden worden.[32]

Beroemde diamanten

 

 
De negen grootste fragmenten van de Cullinan in geslepen vorm (kopieën van glas)

 

 Zie Lijst van bekende diamanten voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Een aantal diamanten is vanwege hun grootte, optische kenmerken of vanwege hun avontuurlijk verleden bekend en beroemd.

  • Belofte van Lesotho: 603 karaat. Een van de grootste onbewerkte diamanten die ooit is gevonden.
  • Centenary-diamant: na het slijpen 273,88 karaat, gevonden in 1986.
  • Cullinan I of Ster van Afrika: 530,20 karaat. Verkregen uit de Cullinan, met 3106 karaat de grootste ruwe diamant ooit gevonden. Tezamen met 104 andere stenen door de Diamantslijperij Asscher in Amsterdam in 1908 geslepen. Siert de scepter van de koningen van Engeland. Wordt bewaard in de Tower van Londen. Deze was tot 1997 de grootste geslepen diamant.
  • Cullinan IV: 63,60 karaat. Een van de 105 stenen die geslepen zijn uit de Cullinan. Bevindt zich in de kroon van koningin Mary. Kan ook uit de kroon worden genomen en als broche worden gedragen. Wordt bewaard in de Tower in Londen.
  • Darya-ye Noor (zee van licht): geschat 182 karaat, uit India, in bezit van Iraanse regering.
  • Dresdener groene diamant: 41,00 karaat, waarschijnlijk uit India, vroegste geschiedenis niet bekend. In 1742 door Friedrich August II, keurvorst van Saksen, gekocht voor 400 000 taler. Wordt bewaard in het Grünes Gewölbe in Dresden.
  • Florentiner of Toscaner: 137,27 karaat, Vroegste geschiedenis door sagen omgeven. In 1657 in het bezit van de Medici's in Florence, In de 18de eeuw in de kroon van de Habsburgers, daarna gebruikt als broche.
  • Hopediamant: 45,52 karaat, Verscheen in 1830 in de handel en werd gekocht door bankier H.Ph. Hope. Waarschijnlijk herslepen uit een gestolen steen. Heeft ook deel uitgemaakt van de Franse kroonjuwelen. Sinds 1958 in het Smithsonian Institution in Washington.
  • Koh-i-Noor: 108,93 karaat. Oorspronkelijk in ronde vorm met 186 karaat in bezit van Indiase vorsten. In 1739 verworven door de sjah van Perzië. Kwam later in het bezit van de Britse Oost-Indische Compagnie die hem in 1850 schonk aan koningin Victoria. Omgeslepen kreeg hij eerst een plaats in de kroon van koningin Mary, echtgenote van George V, en later in de kroon van koningin-moeder Elizabeth. Wordt bewaard in de Tower van Londen.
  • Nassak: 43,38 karaat. Oorspronkelijk meer dan 90 karaat, bevond zich in India in een Shiva tempel bij Nassak. In 1818 als krijgsbuit door de Britten verworven. In 1927 omgeslepen in New York. Nu in particulier bezit in de Verenigde Staten.
  • Sancy: 55,23 karaat. Naar het schijnt gedragen door Karel de Stoute (rond 1470). In 1592 door Nicolas de Harlay, heer van Sancy in de Nederlanden (waarschijnlijk Antwerpen) gekocht[33]. Was vanaf 1906 in het bezit van de familie Astor in Londen, maar werd in 1976 aan het Louvre verkocht en wordt daar tentoongesteld.
  • Sjah: 88,70 karaat. Komt uit Iran, heeft slijtvakken, deels gepolijst. Draagt drie inschriften met heersersnamen. In 1829 geschonken aan tsaar Nicolaas I van Rusland. Tegenwoordig in het Kremlin in Moskou.
  • Tiffany: 128,51 karaat. In 1878 gevonden in de Kimberleymijn in Zuid-Afrika, met een ruw gewicht van 287,42 karaat. Verworven door de juweliersfirma Tiffany in New York. Geslepen in Parijs met 90 facetten.

 Wikipedia